Nooit meer cake misbaksels

Nooit meer cake misbaksels


Rutger geeft tips hoe je bij het maken van cake misbaksels kan voorkomen.

Het cakebeslag schift bij het toevoegen van de eieren

Dit kan twee redenen hebben; de ingrediënten waren te koud of de eieren zijn te snel toegevoegd. Zorg dat de ingrediënten echt goed op kamertemperatuur zijn. Eventueel kun je de kom met het beslag iets verwarmen (au bain-marie of door er een haarföhn op te zetten), maar blijf vooral wel verder kloppen.

Voeg de eieren één voor één toe, wacht tot het eerste ei helemaal opgenomen is voor je de volgende toevoegt. Als het beslag dan nog steeds gaat schiften, of dat lijkt te gaan doen, voeg dan alvast 1 à 2 eetlepels bloem uit het recept toe.

 

De cake is ingestort na het uit de oven halen

Dit kan meerdere redenen hebben. Vaak gebeurt het omdat de cake vanbinnen nog niet gaar is, het midden is dan nog niet stevig genoeg om de cake zijn vorm te laten behouden. Controleer altijd of een cake gaar is, voordat je deze uit de oven haalt. Steek tegen het einde van de baktijd een (saté)prikker in het midden van de cake en haal deze er weer uit. Zit er geen beslag meer aan de prikker, dan is de cake gaar. Zit er nog wel cakebeslag aan, dan moet de cake nog wat langer bakken. Let op bij cakes met stukjes chocolade erin; als je met je prikker in een stukje gesmolten chocolade prikt, lijkt dit nog beslag te zijn. Prik in zo’n geval nog één of twee keer.

Een cake kan ook instorten omdat deze te veel bakpoeder bevat. De cake is daardoor te luchtig geworden, kan al die lucht niet vasthouden en stort in. Kijk in dat geval kritisch naar de verhoudingen van het recept. Ook door verkeerde verhoudingen van de eieren, vloeistof, bloem of suiker kan de cake instorten.

En dan is daar natuurlijk nog de klassieker: het openen van de oven tijdens het bakken van een cake. Doe dit nooit! Vooral tijdens de eerste helft van de baktijd rijst de cake door de warmte. Een koude stroom kan dit proces verstoren en zorgt dat je met een ingezakte cake blijft zitten.

 

In de bovenkant van de cake zit een grote barst

De oventemperatuur was te hoog. De bovenkant van de cake was al gaar terwijl het beslag binnenin nog aan het rijzen was. Er is dan maar één uitweg voor het rijzende beslag: naar boven, waardoor de scheur in de cake ontstaat. Probeer de cake op een lagere temperatuur (en eventueel met een langere baktijd) te bakken.

 

De cake komt niet (geheel) uit de vorm

Dit komt bijna altijd door het niet (goed) invetten van de bakvorm. Vet de vorm goed in met boter of bakspray, zorg ook dat je de hoeken goed meeneemt. Je kunt dit met een bakkwastje doen, maar ook met een stukje keukenrol of met je vingers. Bekleed bij een langwerpige cakevorm de bodem en twee zijkanten met bakpapier. Bij een tulbandvorm (of een andere gedetailleerde vorm) is het verstandig de vorm na het invetten te bestrooien met wat bloem of paneermeel. Bij een vorm met veel details werkt paneermeel vaak beter, de korst wordt hierdoor iets dikker en komt zo makkelijker los. Klop wel de overtollige bloem of paneermeel uit de vorm voor je deze gaat vullen.

 

De cupcakes zijn ongelijk van hoogte

Het beslag was ongelijk verdeeld over de vormpjes. Gebruik een ijs- of portioneerlepel om te zorgen dat er in ieder vormpje precies evenveel beslag zit, hierdoor krijg je na het bakken cupcakes van gelijke hoogte.

 

De cupcakes zijn bol aan de bovenkant in plaats van plat

Tijdens het bakken rijzen cupcakes vaak bol, maar dat is prima op te lossen. Plaats direct na het bakken een stuk bakpapier op de cupcakevorm en leg daar een (snij)plank of (bak)plaat op. Keer deze met vorm en al om en verwijder de cupcakevorm zodat de cupcakes ondersteboven liggen. Als je ze zo verder laat afkoelen, krijgen ze een mooie platte bovenkant.


Meer columns


Wat een salade

Wat een salade

Een saladebijbel, maar waarom? Alles is immers een salade (tenzij het een soep is). Júist daarom. In het Nederlands denk je misschien meteen aan een koude bereiding, maar ik ken zelfs een versie van andijviestamppot die salade au lards heet. Fransen nemen het woord sowieso heel ruim: als ze zeggen ‘het werd nog een hele salade’, kan het betekenen dat er tumult was, of zelfs een vechtpartij. Roepen ze uit ‘Quelle salade!’, dan bedoelen ze: ‘Wat een zooitje!’ En dat kan dan ook zomaar een feestelijk zooitje zijn. Alle mengsels kun je dus eigenlijk salade noemen. En precies daarom is het heel leuk om er een boek over te maken.

Een geboren en getogen bakkerszoon

Een geboren en getogen bakkerszoon

Een geboren en getogen bakkerszoon, dat ben ik. Niet gek dus dat ik al heel jong besloot dat ik bakker wilde worden. Mijn vader was banketbakker en heeft mij de kneepjes van het vak geleerd. Toch besloot ik een iets ander pad in te slaan dan mijn vader: ik had ontdekt dat ik brood bakken fantastisch vond. Na de middelbare school begon ik dan ook gelijk met een bakkersopleiding. Daarna werd ik niet meteen bakker op de manier die je zou verwachten. Ik ging namelijk aan de slag bij een bedrijf dat ingrediënten leverde voor brood. Denk hierbij bijvoorbeeld aan amandelspijs of aroma’s. Ik ontwikkelde deze producten en mocht bij bakkers door heel Nederland en België op bezoek om te demonstreren hoe ze het best met deze ingrediënten aan de slag konden. Bij mijn volgende werkgever kwam mijn focus meer te liggen op biologische ingrediënten, en tegenwoordig ben ik naast ontwikkelaar ook adviseur. Het leukste hieraan vind ik dat ik mag samenwerken met andere bakkers, en natuurlijk dat het allemaal om dat magische brood draait.