Platspuiten, afdekken of spitten?

Platspuiten, afdekken of spitten?


Het is al een paar dagen droog, een rondje door de tuin moet kunnen zonder meteen kilo’s modderkluiten aan mijn voeten te krijgen. De tuinbonen die ik vorige maand zo prematuur zaaide, tonen nog geen teken van leven. Maar ik wacht nog even af voor ik een tweede keer zaai. Februari is voor de meeste tuin­bonen het officiële zaaimoment, dus er is nog tijd. Naast het kale bonenbed valt het onkruid in de andere bedden extra op. Ik zou kunnen gaan spitten. Daar twijfel ik vaak over en besluit bijna altijd om het niet te doen. Wat wel?

Aarde gebruiksklaar maken, kun je op een aantal manieren doen:

- Alles platspuiten. Als je dat een paar weken voor gebruik doet, beweren ‘ze’ dat het daarna geheel veilig is om er eetbare planten op te zetten. Ik vind het een onsmakelijk idee. Die optie vergeet ik.

- De grond afdekken. Afhankelijk van de periode waarin je het doet, sterft alles wat geen daglicht of regen krijgt (behalve heermoes, winde en zevenblad). In de zomer gaat het broeien snel en kan een veldje al in drie weken kaal zijn, met iets meer geduld verdwijnen ook de wortelkluiten. Doet u het in het najaar, dan is de aarde in het voorjaar kaal. Afdekken kan met zeil, golfplaat, een dikke mulchlaag­

 

of worteldoek. Voor woelratten geldt afdekken van de grond als een uitnodiging in een paleis. Binnen de kortste keren zitten ze droog en warm onder hun nieuwe dak. Zeker, ze maken de grond mooi los, maar hoe komt u weer van ze af als daar straks kostbare worteltjes moeten staan? Worteldoek en mulch zijn daarom de slimste opties: ademend en niet waterdicht, er wonen immers ook allerlei beestjes in de bodem die we er wel graag hebben, en hoe klein ze ook zijn, een beetje lucht is ook voor hen van levensbelang. De belangrijkste organismen bevinden zich in de toplaag van de bodem.

- Omspitten van de grond. En zo zijn we terug bij deze optie. Om het effectief te laten zijn, moet je twee spa diep gaan, maar daarmee wordt dat o zo be­langrijke bodemleven ook op zijn kop gezet. De een vindt dat je na het spitten twee dagen moet wachten met zaaien, zodat iedereen zijn plekje weer gevon­den heeft. De ander vindt dat het bodemleven er dusdanig door beschadigd wordt, dat je het helemaal niet moet doen. Een derde denkt nooit over bodem­leven na en vindt dat de grond goed gefreesd moet worden om er überhaupt op te kunnen tuinieren.

Ik laat de keus afhangen van de omstandigheden. Onder ideale omstandig­heden maak ik een bed schoon zodra het vrijkomt. Onkruid gaat er zo veel mogelijk met de hand uit, grote pollen en lange penwortels met een spitvork. Dan haal ik compost, uitharken, klaar: ik heb een bed dat gebruikt kan worden wanneer dat zo uitkomt. Als het lang braak ligt, wordt het een ‘vals zaaibed’ en moet ik het voor gebruik nog een keer schoonmaken. Als ik van tevoren zeker weet dat het vrijgekomen bed voorlopig niet gebruikt wordt, zaai ik het in met groenbemesters. Die doen wat de naam doet vermoeden, en ondertussen onder­drukken ze onkruidgroei, binden stikstof uit de lucht, strijden tegen aaltjes én veel soorten bloeien ook nog prachtig. Groenbemesters zoals kervel en kamille kunnen ook nog als kruid geoogst worden.


Meer columns


Over vlees

Over vlees

Je maaltijd begint al lang voor de eerste hap. Soms al jaren eerder. Voor alle ingrediënten, waar onder vlees, gelden altijd vier belangrijke parameters: plaats, ras, productie en rijping.

 

Over charcuterie...

Over charcuterie...

Charcuterie is het Franse woord voor vleeswaren. Nu hadden we dit boek Over Vleeswaren kunnen noemen, het allitereert zelfs best lekker, maar charcuterie omvat meer dan achterham en katenspek. Charcuterie is wat je aantreft als je op vakantie een Franse, Duitse of Italiaanse slager binnenstapt: sierlijke pâtés de campagne, rijpe pancetta’s, lomo’s met een mooie schimmelbedekking, smoky chorizo’s, krijtwitte lardo die smelt op je tong en klassieke terrines met een mooie aspiclaag. Met Over Charcuterie in de hand maak je zowel die achterham als katenspek, maar ook deze internationale charcuterie voortaan zelf.