Van amandelkrullen tot Zeeuwse speculaas

Van amandelkrullen tot Zeeuwse speculaas


Volgens mij is er geen land ter wereld met een rijkere koekjescultuur dan de onze. In elk gezin vind je een goedgevulde koektrommel, die rond koffie- en theetijd op tafel komt. Bij ons thuis was dat zeker het geval, en de koektrommel was een van de eerste dingen die ik als kind blindelings wist te vinden. We hadden twee koektrommels: eentje met de gewone koekjes voor doordeweeks en een met de luxere koekjes, speciaal voor de weekenden of als er bezoek kwam.

Dat we in een echt koekjesland wonen, blijkt wel uit de geweldige verscheidenheid van koekjes. Zo vind je in dit boek klassiekers als pitmoppen, vanillebatons en hernhuttertjes, streekgebonden koekjes als Fryske dúmkes en Zeeuwse speculaas en zelfs plaatsgebonden koekjes als Weespermoppen, Arnhemse meisjes en Utrechtse spritsen. Naast alle Nederlandse klassiekers vind je in Koekjesbijbel natuurlijk ook internationale koekjes als cantuccini, macarons, alfajores en briwat en nieuwe koekjesrecepten als pistachekoekjes met cranberry’s, abrikozenkoeken en opgerolde dadel-walnotenkoekjes.

Koekjes in een hokje plaatsen is een aardige uitdaging, dat bleek wel bij het maken van de hoofdstukindeling. Bijna alle koekjes laten zich in meerdere hoofdstukken indelen, waardoor het moeilijk was om duidelijke lijnen te trekken. Uiteindelijk heb ik ervoor gekozen om de belangrijkste eigenschappen van het koekje de doorslag te laten geven. Zo zijn de koekjes verdeeld in brosse koekjes, rijke koekjes, kruidige koekjes, luchtige koekjes, chewy koekjes, delicate koekjes, amandelkoekjes, gevulde koekjes en ijzerkoekjes. Die laatste heten zo omdat ze gebakken worden tussen of op een wafelijzer.

Daarnaast moest er nog een belangrijke knoop worden doorgehakt: wat is een koekje precies? Bij een speculaasje en een kletskop is dat duidelijk. Maar zijn een roze koek en een mergpijp ook koekjes? De bakker verkoopt ze als stukwerk, dat wil zeggen dat ze per stuk worden verkocht. De term koekje past dan misschien niet helemaal meer, maar een koek is het zeker. Omdat ik ze erbij vind horen (en ze enorm lekker zijn) heb ik een hoofdstuk stukwerk toegevoegd, met de grotere koeken en koekrepen. We eindigen hartig, met het hoofdstuk hartige koekjes.

Van koekjes bakken word je gelukkig! Het is leuk om te doen, het huis gaat er heerlijk van ruiken en iedereen wordt blij van versgebakken koekjes. Met de duidelijke uitleg bij alle recepten gaat het je zeker lukken om trommels vol te bakken. Dus nu aan de bak! Want wees nou eerlijk, er gaat toch niets boven een koekje van eigen deeg?


Meer columns


Een boek over wild?

Een boek over wild?

Ja, echt: over wild. Het is het meest natuurlijke vlees, eigenlijk het ultieme scharrelvlees. Dit is dan ook hét boek voor mensen die hun eten serieus nemen, graag zelf koken en dan bij voorkeur kiezen voor ingrediënten die biologisch, natuurlijk, puur, lokaal en  seizoensgebonden zijn. En uiteraard voor de jager die het zelf geschoten wild het liefst zo lekker mogelijk op tafel wil krijgen.

Wat een salade

Wat een salade

Een saladebijbel, maar waarom? Alles is immers een salade (tenzij het een soep is). Júist daarom. In het Nederlands denk je misschien meteen aan een koude bereiding, maar ik ken zelfs een versie van andijviestamppot die salade au lards heet. Fransen nemen het woord sowieso heel ruim: als ze zeggen ‘het werd nog een hele salade’, kan het betekenen dat er tumult was, of zelfs een vechtpartij. Roepen ze uit ‘Quelle salade!’, dan bedoelen ze: ‘Wat een zooitje!’ En dat kan dan ook zomaar een feestelijk zooitje zijn. Alle mengsels kun je dus eigenlijk salade noemen. En precies daarom is het heel leuk om er een boek over te maken.