Wijn van Nederlandse Bodem

Wijn van Nederlandse Bodem


De wijnbouw in Nederland gaat al terug tot de 8e eeuw. Halverwege de 16e eeuw veranderde het klimaat in Nederland en trad de zogenaamde Kleine IJstijd in. Hierdoor, en door vernielingen tijdens de Tachtigjarige Oorlog, werd de wijnbouw in Nederland gedecimeerd.

 

Toen daarop ook nog zowel de druifluis als Napoleon er overheen ging, was het voor een eeuw of vier gedaan met Nederlandse wijn, om pas in de jaren '60 en '70 van de vorige eeuw weer op te krabbelen. Dat wil zeggen, Nederland werd toen vooral gezien als 'te koud, te nat en te plat' om goede wijn te maken. In het afgelopen decennium is er echter ontzettend veel veranderd. Inmiddels produceren zo'n honderdvijftig commerciële wijngaarden ruim een miljoen flessen per jaar, waarvan ongeveer twee derde wit en een derde rood. Niet alleen is het aantal wijngaarden fors gegroeid, ook de kwaliteit is enorm verbeterd. Dit is onder andere te danken aan innovatieve rassen als Johanniter, Auxerrois en Souvignier Gris, die schimmelbestendig zijn en met weinig zon genoegen nemen. In elke provincie vind je wijngaarden, maar het overgrote merendeel ligt in Limburg en de Achterhoek. Dat heeft met de bodem, het aantal zonuren en – in geval van die eerste – met het heuvelachtig terrein te maken. Zelfs op Texel ligt een wijngaard, De Kroon van Texel. Hoewel het de noordelijkste wijngaard van Nederland is, groeien de druiven hier uitstekend. Texel telt namelijk op jaarbasis ruim honderd zonuren meer dan het landsgemiddelde.


Meer columns


Welke keuken zou je meenemen naar een onbewoond eiland?

Welke keuken zou je meenemen naar een onbewoond eiland?

Dat vroeg mijn kookgrage moeder mij vroeger weleens. ‘De Italiaanse’, antwoordde ik steevast. Als kind leek mij deze keuken met pizza, pasta en goddelijke gelato eentje die nooit zou gaan vervelen. Nu, enkele decennia later, zou ik dit antwoord niet meer zo geven. Ik kook de hele wereld over. Soms heb ik zin in paella, soms in pittige saté’s, soms in stevige Marokkaanse troostsoep. Hoewel ik nog steeds dol ben op Italiaans eten, is er zoveel meer bij gekomen. Het zijn gerechten en smaken die ik voor geen goud zou willen missen.

Een boek over wild?

Een boek over wild?

Ja, echt: over wild. Het is het meest natuurlijke vlees, eigenlijk het ultieme scharrelvlees. Dit is dan ook hét boek voor mensen die hun eten serieus nemen, graag zelf koken en dan bij voorkeur kiezen voor ingrediënten die biologisch, natuurlijk, puur, lokaal en  seizoensgebonden zijn. En uiteraard voor de jager die het zelf geschoten wild het liefst zo lekker mogelijk op tafel wil krijgen.